Uncategorized

vechten of vluchten

Vechten of vluchten

“Wie telkens opnieuw kiest voor vluchten in plaats van vechten, zal nooit een strijd positief beslechten”

Tijdens het eerste weekend intern valt de lunch op zaterdag me erg zwaar. Ik begin goed, maar ik merk dan dat de spanning en paniek zich opstapelen. Bij boterham 3 gaat het mis. De eerste boterham was met pindakaas, dan met sandwitchspread  en nu voel ik me vol en moet ik dus nog een boterham met hartig beleg. Ik begin te huilen, mijn hele lijf schreeuwt dat ik dit niet wil en ik kan me niet bedenken wat ik nu moet kiezen. Vleeswaren of hummes? Het gevoel van misselijkheid komt omhoog. Na in de vleeswarenbox te hebben gekeken, lukt het me niet iets te kiezen. Ik wil vluchten en bevries ik, kan niet meer normaal nadenken en krijg een black out. Ik ga uiteindelijk voor hummes en tussen de tranen door eet ik de stukken brood op.

Na het eten ga ik zitten met mijn mentor Marloes en bespreek wat er vandaag zo mis ging bij de lunch. Het is fijn om even met elkaar de situatie na te bespreken. Het wordt me langzaam steeds duidelijker dat ik echt ziek ben, moeilijk om dit besef onder ogen te komen. Thuis ging ik het gevecht niet meer in en vluchtte ik steeds voordat de paniek opkwam. Hier in de kliniek is vluchten geen optie en moet ik dus steeds het gevecht aan, dit kost me ongelofelijk veel energie en ik merk dat ik hier heel heftig op reageer. Gelukkig zakt het gevoel ook weer, maar negen van de tien keer staat er dan al een nieuwe uitdaging klaar en begint de strijd weer van voor af aan. Gaat dit ook makkelijker worden. Ik kan me er nu totaal geen voorstelling van maken!

Tijdens het eerste weekend intern is er gelukkig wel een bezoekuur tussen 15.00 en 17.00 en op zaterdag ga ik met mijn schoonouders en de kinderen even wat drinken. Op de zondag ga ik samen met mijn mannen naar Blik en Burger om ook dan samen wat te drinken. De kinderen kunnen even lekker spelen en dan hebben Jasper en ik de tijd om even te praten. Het blijft heel gek voelen om op deze manier met elkaar om te gaan, dat ze op bezoek moeten komen. Thuis is het niet meer dan normaal dat je er altijd bent en nu moeten we bewust afspreken op gezette tijden. Ik mis mijn mannen, maar ik ben ook heel blij om te zien dat ze het zo goed doen samen, dat scheelt een hoop stress.  Zodra ze binnenkomen ben ik dolblij om ze weer te zien, wat heb ik ze gemist! Ze hebben rozen en tekeningen bij zich. Ik geef ze een rondleiding en laat ze mijn kamer zien. Wat is het genieten, alleen vliegt de tijd. Om 5 uur zetten ze me weer af. Wat een dubbel gevoel, zo fijn om ze te zien, maar ook verdrietig om ze nu weer uit te moeten zwaaien.

De nachten blijven zwaar en weer slaap ik heel slecht. Ik was heel onrustig, veel spanning in mijn lijf en ik blijf maar aan het malen, waardoor ik veel wakker ben geweest. Om5 uur was ik ook weer klaarwakker. Uit verveling ben ik op mijn telefoon gaan kijken en gewacht op de controles. Ín het weekend komen ze pas om acht uur, dus dat was een uitdaging. Het wegen is ook vandaag weer een teleurstelling er is weer gewicht vanaf. Hoe kan dit? En natuurlijk gelijk weer een lijst ophoging. Ik probeer rustig te blijven, ga eerst onder de douche en daarna door naar het ontbijt, dit is hetzelfde gebleven, dat scheelt! Ik ga me straks wel druk maken over de rest van de dag, eerst dit doorkomen. Merk dat ik steeds meer voor veilige producten wil kiezen en hierin komen mijn eetgestoorde gedachten steeds om de hoek kijken. Ik koos nooit op smaak, altijd voor wat ik gezond vond. En de laatste maanden at ik sowieso geen beleg en brood. Bij de lunch gaat het mis als de verpleging aangeeft dat ik te weinig gestampte muisjes op mijn brood heb gedaan, ik wil het eerst uitsmeren, maar dit mag niet. Er ontstaat paniek en een black out, nu wil ik dus vluchten en dit zou ik thuis ook zeker gedaan hebben. Die optie is er nu niet en dus moet ik het gevecht aan en de paniek opzoeken en er doorheen.

Ik voel me ongelofelijk ongemakkelijk er moet steeds meer bij. De klontjes wil ik uitsmeren, maar ook dit vinden ze niet goed. De ogen branden en de paniek overheerst. Ik ga toch de klonten uitsmeren. De verpleging is niet helemaal tevreden, maar we laten het voor nu hierbij. Na de lunch trek ik me even terug. Ik kan het niet laten om een lijstje te maken met producten die we vaak krijgen, en hier de hoeveelheid kcal van op te zoeken. Ik weet dat ik dit niet zou moeten doen, maar de paniek en onrust overheerst. Mijn eetstoornis is te sterk en ik vlucht nu terug naar het bekende de rust en controle.

Author


Avatar