Your address will show here +12 34 56 78
Uncategorized

Vandaag is je sterfdag, en ook al denk ik op veel momenten aan je vandaag toch net iets meer. Het is alweer zolang gelden dan ik je voor het laatst heb gezien. Ik was pas 19 toen je overleed aan de gevolgen van de slokdarmkanker, na een niet al te lang ziekbed kon je je er niet langer tegen verzetten. Je moest je overgeven aan de dood, wat je verschrikkelijk moeilijk vond, dat kan ik me nog heel goed herinneren. Je zocht in die periode steun bij het geloof, wat je houvast gaf. Verder weet ik nog dat je s ’nachts liever niet met je ogen dicht sliep uit angst niet meer wakker te worden.

Wat heb ik al die emoties, het verdriet en de angst diep weggestopt. Dit is mijn manier geworden om ermee te kunnen leven. Alleen is die manier van overleven me nu aan het opbreken. Het heeft zich geuit in mijn eetstoornis en obsessief met bewegen bezig te zijn. Niet willen voelen, en zodra ik daar ook maar in de buurt kom neemt de eetstoornis het van me over. Het is een verslaving geworden, waarvan ik ben gaan geloven dat het me zoveel oplevert en ervoor zorgt dat ik me staande kan houden. Dat terwijl het juist zoveel kapot maakt, maar aan dat idee wil ik niet denken. De eetstoornis geeft me de rust, duidelijkheid, controle en houvast.

Wat en wie ben ik zonder de eetstoornis, wat komt er voor in de plaats. Het zit zo diep weggestopt dat ik er heel moeilijk contact mee kan maken. Het veilige gevoel wat het me geeft weegt nog altijd op tegen alle leegte die ik denk ervoor terug te krijgen.

Je zult nooit terugkomen, we kunnen nooit meer met elkaar praten, je ziet mij niet opgroeien en ook mijn kinderen zullen je nooit ontmoeten. Waarom zou ik aan dat gevoel willen toegeven? Het is te groot, te eng, te moeilijk, of denk ik dat alleen maar….. Dit is iets wat ik mezelf de laatste tijd steeds vaker afvraag, is het iets dat ik me de laatste jaren heb wijsgemaakt?

Ook mijn omgeving heeft daar aan bij gedragen. Alle complimenten die ik jarenlang kreeg, wat ben je een doorzetter, jij kan alles aan, wat knap dat je er zo mee omgaat, dit bevestigde het idee dat ik iedereen inclusief mezelf moest laten zien dat ik het aankon. Niet zwak zijn, niet opgeven, niet bij de pakken neerzitten, kop in het zand overleven en iedereen inclusief mezelf steeds overtuigen dat ik het kon en het goed met me ging.

Als ik nu zou moeten huilen en mijn gevoel en verdriet de vrije loop zou laten, wat gebeurt er dan met het beeld dat mensen van me hebben? Wat gebeurt er met de manier waarop ik naar mezelf kijk? Valt dan alles als een kaartenhuis in elkaar? Val ik door de mand.? Zal ik zo diep vallen dat het me niet lukt om weer overeind te krabbelen. Dan is het toch fijn om mijn vriend de eetstoornis te hebben en hierop terug te kunnen vallen, die geeft me richting en controle in dit ondraaglijke verdriet.

Waarom lukt het niet mijn omgeving te laten zien dat de eetstoornis me juist zoveel geeft. Dat dit mijn reddingsboei is geweest, toen ik het gevoel had te verdrinken. Nu staat iedereen aan de kant te roepen dat ik moet loslaten en zwemmen. De boei loslaten en zwemmen, zo hard als ik kan om veilig aan de kant te komen en alle dierbare mensen in de armen te vallen en er weer voor hun te zijn met al mijn mooie en minder mooie kanten, met mijn humor, maar ook zeker met mijn verdriet.

Wat in het verleden is gebeurd maakt wie ik nu ben, wie ik nu wil zijn. Wil ik eenzaam samen met mijn eetstoornis achterblijven en langzaam verdrinken en alle mooie dingen om me heen uit mijn handen laten glippen.

Of ga ik het heft weer in eigen hand nemen, inzien dat ik geen kind meer ben, maar een volwassen vrouw met een eigen mening en een rugzak vol levenslessen. Die me hebben gemaakt tot wie ik nu ben, maar dat ik die levenslessen ook kan inzetten om mijn eigen leven en het leven van mijn kinderen anders te laten zijn dan mijn eigen jeugd. Het is niet automatisch zo dat wat ik zelf heb moeten meemaken, ook mijn kinderen zullen meemaken. Daarvoor ben ik de sleutel, tot mijn eigen en hun geluk.

Die sleutel moet ik weer in mijn handen nemen en de deur achter me dicht draaien en de deur naar de toekomst open maken en het leven met twee handen aangrijpen voordat alle mooie en kostbare momenten aan me voorbij gaan, zonder dat ik er van heb genoten.

Door de dagen in de kliniek besef ik me dat ik al die mooie momenten nu moet missen, er niet ben voor mijn kinderen, mijn man, ze verdriet doe door niet beschikbaar te zijn.

De eetstoornis staat tussen ons in en ik ben de enige die ervoor kan zorgen dat voordat ik die deur echt achter me dicht doe de eetstoornis ook daar zal moeten laten. Afscheid nemen, echt afscheid nemen en me beseffen dat er geen ruimte voor is in de toekomst die ik mezelf en mijn gezin wil geven.

Ik ben aan zet om met de levenslessen uit mijn verleden, te accepteren dat het me ook heeft gebracht waar ik nu ben en dat ik, ik alleen de toekomst kan beïnvloeden.

Kop in het zand en doorgaan is niet langer een optie, maar met opgeheven hoofd en een rugzak vol levenslessen de wereld in. Het is niet dat ik je ermee terug krijg als ik nu ga huilen of me echt heel diep verdrietig ga voelen, maar ervaren dat er verdriet mag zijn, maar dat er ook vreugde is en dat dit hand in hand kan gaan, met vallen en opstaan.

Het is niet nodig mezelf te blijven straffen, ook ik mag er zijn met al mijn mooie en minder mooie kanten, dit maakt me juist uniek. Energie steken in juist die dingen die belangrijk voor me zijn en niet langer in uitvluchten die tijdelijk rust geven, mezelf opnieuw ontdekken. Niet als meisje, maar als volwassen vrouw die graag een voorbeeld wil zijn voor haar kinderen, een liefhebbende vrouw, een goeie vriendin, schoonzus en dochter die weet wat ze wil juist door wat ze heeft meegemaakt. Het maakt me tot wie ik ben en wat ik wil zijn.

0

Uncategorized

Waarom voel ik me zo zwaar

Terwijl iedereen om me heen zegt dat, dat helemaal niet zo is

Hoe kan het dat mijn zelfbeeld en de vrouw in de spiegel

 in mijn bovenkamer zo vervormd  is

Hier binnen deze muren is niet het echte leven

Daarbuiten moet het gebeuren, ik heb nog zoveel te geven

Al die kostbare momenten die ik nu aan me voorbij laat gaan

Hopelijk kom de dag snel dat ik voor mijn eetstoornis kan gaan staan

De regie weer zelf in handen nemen

Maar wie ben ik zonder dat ik bestaansrecht aan mijn eetstoornis kan verlenen

Het is een groot deel van mijn identiteit

Ik kan het wel willen, maar die verdomde gedachten raak ik niet zomaar kwijt

De stem in mijn hoofd die me geen seconde met rust wil laten

En zelfs over een koekje of een boterham met hagelslag uren tegen me kan blijven praten

Doe het niet, laat zien dat je sterk bent

Dit is wat de omgeving van je is gewend

Een sterke, slanke vrouw, met doorzettingsvermogen

Die de hele wereld aankan, ben er zelf nog het meeste in gaan geloven

Waarom voel ik me zoveel zwaarder, terwijl dat in de werkelijkheid niet zo is

Waarom gaat het in die bovenkamer steeds zo gigantisch mis

Ooit zal ik de stap over de drempel moeten nemen

Zodat ik strak weer sterk kan zijn en stevig sta op beide benen

De wereld inkijk met vertrouwen en kracht

En dat ik kan zeggen nu heb ik mijn eetstoornis in zijn macht

Ik laat het niet meer de regie nemen over mijn leven

Doen wat en wanneer ik wil, zonder aan die stem toe te geven

De vrouw, vriendin, dochter en moeder, zonder al het verdriet en pijn

Mezelf weer echt in de spiegel aankijken en zeggen ik mag er zijn.

0

Inmiddels alweer ruim 2 weken in de kliniek en merk dat ik heel erg veel moeite heb om echt te landen, er echt te zijn. Merk dat ik heel erg teruggrijp op vluchtgedrag, zowel op mijn telefoon, door van alles te bestellen (tot grote ergernis van mijn man, die thuis elke keer pakjes moet aannemen) met mijn bezoek steeds weg te vluchten en niet de rust te nemen om het gevecht echt aan te gaan. De stilte en leegte voelen en daarbij de angst en leegte tegen komen en dit te verdragen.

Begin van deze week pittige gesprekken gevoerd met verschillende mensen, waarbij ik gisteren te horen kreeg dat het 2 voor 12 is geweest. Het is of nu per week een stijgende lijn inzetten t.a.v. mijn gewichtstoename en anders is een interne behandeling geen meerwaarde en zullen we voorlopig de behandeling stil moeten zetten en een time out nemen. 

Dit komt wel behoorlijk hard binnen, vooral omdat ik wel wil maar mijn eetstoornis zo sterk is dat zodra er spelingsruimte is ik deze pak en hier niet tegen opgewassen ben.

Ook door de gesprekken met vriendinnen merk ik dat het zoeken van excuses steeds weer terugkomt. Er is altijd wel een reden waarom het niet gelukt is, hierin haal ik mezelf steeds naar beneden. “Het is helaas weer niet gelukt om tegen mijn eetstoornis in te gaan” is een zin die ik maar steeds blijf herhalen.

De zoektocht naar mijn motivatie blijft zo ongelofelijk lastig en ik ben zo krampachtig bezig om hiervoor iets te vinden, dat ik ook echt kan voelen. Door het huidige ondergewicht kan ik ook helemaal niet bij mijn emoties, daarom moet ik aankomen. Aankomen is nu juist het gene waar ik zo verschrikkelijk tegen op zie en wat ik al maanden krampachtig wil controleren. De extra kilo’s zijn al een rode lap voor mijn eetstoornis en daarmee wordt het gevecht in mijn hoofd ook gelijk heftiger, dit wil ik niet aan gaan! Ik wil iedereen te vriend houden, maar dit kan en lukt me niet!

Gewoon doen, gewoon ondergaan, gewoon….. dat is hem nou juist het is voor mijn niet gewoon, het is voor mij zo enorm spannend en groots geworden, dat ik het niet durf, maar dit lijk ik maar niet te kunnen uitleggen. Iedereen staat aan de kant tegen me te roepen dat ik moet zwemmen, maar ik durf mijn reddingsboei die ik jaren heb gebruikt en waar ik op kon leunen in moeilijke tijden en zo vaak het enige was op wat ik kon terugvallen, niet zomaar loslaten.

Wat is er dan aan de kant, hoe moet ik me dan redden als ik niet meer terug kan vallen op mijn reddingsboei? Wat komt er voor in de plaats. Angst, leegte, verdriet, gewicht is dat wat ik wil? Als ik daar doorheen kom wordt het dan echt beter? Wie weet dat zeker? En hoe weten jullie dat?

Ik moet er op vertrouwen, op mezelf vertrouwen, helemaal alleen op mezelf, de kracht vinden om dit aan te gaan. Te knokken voor wat ik waard ben, zonder reddingsboei, maar omdat ik zonder eetstoornis wil leven. Samen met mijn gezin en alle lieve mensen om me heen. Die me keer op keer blijven steunen. Met volle angst vooruit……………………….

0

Uncategorized

Toen ik eind augustus de kliniek verliet, zeiden we tegen elkaar dit doen we nooit weer!!! Toch sta ik hier 5 maanden later op 3 februari ’20 om 9.00 voor de deur van de kliniek met dezelfde tas, het lood in mijn schoenen en een brok in mijn keel.

Juist dat wat we zo hadden afgezworen staat op het punt weer te gebeuren. Vandaag laat ik me opnieuw intern opnemen, wat voelt dit zwak, als falen, vooral omdat ik zo mijn best deed iedereen inclusief mezelf te doen geloven dat het allemaal wel goed kwam en vooral dat het wel meeviel.

Thuis was er genoeg afleiding om met van alles en nog wat bezig te zijn, maar echt de diepte in lukte me niet, niet alleen. Wel ging ik elke week trouw 2x en later 1x naar de dagbehandeling. Elke keer lukte het me om weer wat aan te komen, om vervolgens volledig in de paniek te schieten en overal te compenseren, zodat er op de langer termijn niet wezenlijk iets veranderde.

Kon ik niet gewoon beter worden zonder dat eeuwige commentaar over mijn gewicht. Wat maakt een paar kilo meer of minder nou uit, ik kon toch alles weer. Pakte mijn werk op, zorgde voor het huishouden, de boodschappen wat is het probleem.

Het allergrootste probleem is dat ik me niet ziek voel!!! Ik hoor iedereen wel tegen me zeggen dat ik ziek ben, te mager ben, er vermoeid uit zie. Hoe kan het dan in hemelsnaam dat ik dat niet voel!! Voelde ik het maar, dan voelde ik ook de noodzaak van het eten en kwam er dan niet gelijk de compensatiedrang om de hoek kijken. Mezelf steeds weer straffen. Op deze manier probeerde ik maanden iedereen te vriend te houden, mezelf, mijn omgeving, maar vooral mijn eetstoornis. Niet te veel afvallen, niet te veel aankomen, maar echt verandering, echt doorpakken en het verschil maken lukte niet.

Alles belangrijker maken dan het eten en bewegen was de laatste maanden wat ik deed en dit koste mee veel energie. Zo leven dat je iedereen om je heen tevreden houdt, deze tactiek bleek niet te werken. Ik moest mijn omgeving overtuigen dat ik weer de draad kon oppakken, dat de interne opname me goed had gedaan en dat ik stappen had gezet.

Het aller moeilijkste was het stemmetje in mijn hoofd tevreden houden met al die bezorgde mensen en hulp om me heen. Waar ik me natuurlijk niet aan overgaf, vooral doorgaan was het motto “Ik kan tenslotte alles”. Het gevoel was zo sterk dat ik er ook zelf op veel momenten in ging geloven.

Dezelfde geur, de nog net zo troosteloze kamer en het bureautje in de hoek, dit is waar ik de aankomende tijd weer zal doorbrengen. De tweede ronde, nu hopelijk met een goeie afloop.

Tijdens de maanden dat ik naar de dagbehandeling ging, had ik ook wekelijks gesprekken met mijn behandelaar. Die gaf duidelijk dat ik een keuze moest maken intern gaan en anders stoppen met behandelen bij Rintveld. Dit omdat het anders een schijnbehandeling ging worden en de dagbehandeling meer dagbesteding wa. Nu moest er echt iets gaan veranderen. Aankomen om aansluitend de juiste therapie te kunnen volgen.

Alle hoop is dus nu gericht op de therapie en het aankomen, zodat mijn BMI voldoende is om hier ook voor in aanmerking te komen. Een opname met een duidelijk doel een missie en daarna hopelijk weer een toekomst zonder eetstoornis.

Het klinkt zo mooi, maar nu moet ik mijn eetstoornis nog gaan vertellen dat we na al die jaren niet meer met elkaar verder gaan en ik denk niet dat dit een makkie zal worden. Maar wat moet dat moet, goedschiks of kwaadschiks.

0

Uncategorized

“Eten is een middel om aan te sterken, steun is het medicijn om beter te worden”.

Als er iets is dat ik de afgelopen periode heb geleerd, is dat steun het allerbelangrijkste is tijdens je herstel. Natuurlijk moest ik ook mijn voedingspatroon aanpassen, maar dit is een middel. Het aansterken is een onderdeel om beter te worden. Door het ondergewicht vlakken je emoties af en fysiek wordt je zwak en breng je jezelf schade toe. In de kliniek ga je weer eten en leer je om ‘nergens meer bang voor zijn’, uitdagingen aan te gaan en letterlijk te verdragen.

Op mijn nieuwe voedingslijst stond een tussendoortje volgens schema. Dan bepaald de verpleging wat er gaat komen. Deze onduidelijkheid, maakt me enorm gespannen en zenuwachtig. Je hebt geen idee wat er gaat komen, maar je weet hoe dan ook dat je het zult moeten opeten. De verpleegkundige komt binnen met jan hagel koekjes waar we er 3 van moeten eten. Alleen begint niemand over de koekjes, dus ik dacht zolang niemand iets opvalt en erover begint, laat ik het mooi zitten. Ook moet ik een appel eten, die heb ik netjes geschild en samen met een kopje thee eet ik deze op.  

Vandaag komt mijn broer me ophalen en ga ik mee naar zijn huis om daar samen met mijn schoonzus en neefje even lekker bij te kletsen en thee te drinken. Fijn om ze te zien en ook om hier even weg te zijn. Het gaat oké, maar om hier de hele dag te moeten blijven lijkt me niks, vooral nu het zo stil is vanwege het weekend. Bij terugkomst laat ik mijn broer even de kliniek en mijn kamer zien, gek idee om hier samen rond te lopen. Er blijven nog steeds zoveel momenten dat ik me niet besef wat er allemaal gebeurd is en dat het lijkt het alsof ik in een “droom” leef.

De meiden van unit 3 staan klaar om te wandelen en ik besluit om een kwartiertje met ze mee te lopen. Zodra we buiten zijn, geven ze aan dat ze naar de supermarkt willen, ik weet dat dit niet volgens de afspraak is en voel ik me hier helemaal niet goed bij. Nu sta ik voor een dilemma, meegaan naar de supermarkt, dit terwijl ik weet dat dit niet mag, of terug naar binnen, maar wat ga ik dan zeggen of alleen een rondje lopen, iets dat ook niet mag, want ik ben fysiek nog te zwak om zelf te gaan lopen. Help!!! Wat moet ik doen? Ik voel me nu net een puber en heb geen idee waar ik verstandig aan doe. Ik besluit alleen te lopen en neem het risico. Zodra ik terugloop besef ik me dat we nu natuurlijk niet te gelijk binnen zullen komen. Lekker dan, heb ik dat. Mijn shirtje hangt nog uit mijn raam, dus besluit deze te gaan halen en tegen de verpleging te zeggen dat hij uit het raam is gevallen en dat ik hem even moest pakken, daarom ben ik later en moest ik een andere route nemen. Het is de verpleging idd opgevallen, maar mijn verhaal werkt. Voel me op deze momenten net een puber, wat gênant!

Vanavond krijgen we eten van de catering en eten we met alle units bij elkaar omdat het weekend is. Er staat broccoli, rösti, varkenshaas met spek en saus op het menu. De cateringmaaltijden zijn niet altijd even lekker. De groente vind ik wel te doen, maar de rösti en het vlees is heel veel en ook nog eens heel erg droog.

De verpleging geeft aan dat ik te weinig saus heb opgeschept en hiervan raak ik gelijk van slag. Ik vind dit al te veel, laat staan dat er nog bij moet! Zelf raak ik teveel van slag en vraag of de verpleging wil bij scheppen. Ik besluit uiteindelijk de saus over al mijn eten te verdelen, dan valt het minder op en voelt het beter.

Mijn moeder wilde vanavond langskomen, maar ik heb niet zo’n goede dag en vraag of ze een andere keer wil komen. Vandaag is niet zo’n succes, hopen dat het morgen weer beter zal zijn.  Als ik naar bed ga voelen mijn voeten opgezwollen en er blijkt vocht in te zitten. Dit heeft te maken met het refeeding voedingsschema en ik krijg het advies om met een kussen onder mijn voeten te slapen. De nacht gaat gelukkig goed en ik slaap goed door, dit komt vooral omdat ik weet dat er morgen wel controle zal zijn, maar geen weegmoment!

Het ontbijt gaat goed, maar met het tussendoortje gaat het mis. Het tussendoortje is een boterham met beleg naar keuze. Ik kies niet op gevoel maar met mijn hoofd. Het gezondste is het beste en dat is automatisch ook het lekkerste. Dus geen idee, de beste, gezondste keuze dan maar. Als ik dit toelaat, laat ik ook de eetstoornis toe, maar ik weet inmiddels niet meer beter. Ik vind iets lekker als het voor mij gezond is en niet lekker als het ongezond is. In mijn hoofd gaat die knop steeds aan en uit. En dit zet ik niet zomaar terug. Een no-go is en blijft een no-go, nu, straks en altijd. De paniek loopt gelijk weer op. Uiteindelijk ga ik weer voor veilig en “spring uit de band” met sandwichspread.

0

Uncategorized

Vechten of vluchten

“Wie telkens opnieuw kiest voor vluchten in plaats van vechten, zal nooit een strijd positief beslechten”

Tijdens het eerste weekend intern valt de lunch op zaterdag me erg zwaar. Ik begin goed, maar ik merk dan dat de spanning en paniek zich opstapelen. Bij boterham 3 gaat het mis. De eerste boterham was met pindakaas, dan met sandwitchspread  en nu voel ik me vol en moet ik dus nog een boterham met hartig beleg. Ik begin te huilen, mijn hele lijf schreeuwt dat ik dit niet wil en ik kan me niet bedenken wat ik nu moet kiezen. Vleeswaren of hummes? Het gevoel van misselijkheid komt omhoog. Na in de vleeswarenbox te hebben gekeken, lukt het me niet iets te kiezen. Ik wil vluchten en bevries ik, kan niet meer normaal nadenken en krijg een black out. Ik ga uiteindelijk voor hummes en tussen de tranen door eet ik de stukken brood op.

Na het eten ga ik zitten met mijn mentor Marloes en bespreek wat er vandaag zo mis ging bij de lunch. Het is fijn om even met elkaar de situatie na te bespreken. Het wordt me langzaam steeds duidelijker dat ik echt ziek ben, moeilijk om dit besef onder ogen te komen. Thuis ging ik het gevecht niet meer in en vluchtte ik steeds voordat de paniek opkwam. Hier in de kliniek is vluchten geen optie en moet ik dus steeds het gevecht aan, dit kost me ongelofelijk veel energie en ik merk dat ik hier heel heftig op reageer. Gelukkig zakt het gevoel ook weer, maar negen van de tien keer staat er dan al een nieuwe uitdaging klaar en begint de strijd weer van voor af aan. Gaat dit ook makkelijker worden. Ik kan me er nu totaal geen voorstelling van maken!

Tijdens het eerste weekend intern is er gelukkig wel een bezoekuur tussen 15.00 en 17.00 en op zaterdag ga ik met mijn schoonouders en de kinderen even wat drinken. Op de zondag ga ik samen met mijn mannen naar Blik en Burger om ook dan samen wat te drinken. De kinderen kunnen even lekker spelen en dan hebben Jasper en ik de tijd om even te praten. Het blijft heel gek voelen om op deze manier met elkaar om te gaan, dat ze op bezoek moeten komen. Thuis is het niet meer dan normaal dat je er altijd bent en nu moeten we bewust afspreken op gezette tijden. Ik mis mijn mannen, maar ik ben ook heel blij om te zien dat ze het zo goed doen samen, dat scheelt een hoop stress.  Zodra ze binnenkomen ben ik dolblij om ze weer te zien, wat heb ik ze gemist! Ze hebben rozen en tekeningen bij zich. Ik geef ze een rondleiding en laat ze mijn kamer zien. Wat is het genieten, alleen vliegt de tijd. Om 5 uur zetten ze me weer af. Wat een dubbel gevoel, zo fijn om ze te zien, maar ook verdrietig om ze nu weer uit te moeten zwaaien.

De nachten blijven zwaar en weer slaap ik heel slecht. Ik was heel onrustig, veel spanning in mijn lijf en ik blijf maar aan het malen, waardoor ik veel wakker ben geweest. Om5 uur was ik ook weer klaarwakker. Uit verveling ben ik op mijn telefoon gaan kijken en gewacht op de controles. Ín het weekend komen ze pas om acht uur, dus dat was een uitdaging. Het wegen is ook vandaag weer een teleurstelling er is weer gewicht vanaf. Hoe kan dit? En natuurlijk gelijk weer een lijst ophoging. Ik probeer rustig te blijven, ga eerst onder de douche en daarna door naar het ontbijt, dit is hetzelfde gebleven, dat scheelt! Ik ga me straks wel druk maken over de rest van de dag, eerst dit doorkomen. Merk dat ik steeds meer voor veilige producten wil kiezen en hierin komen mijn eetgestoorde gedachten steeds om de hoek kijken. Ik koos nooit op smaak, altijd voor wat ik gezond vond. En de laatste maanden at ik sowieso geen beleg en brood. Bij de lunch gaat het mis als de verpleging aangeeft dat ik te weinig gestampte muisjes op mijn brood heb gedaan, ik wil het eerst uitsmeren, maar dit mag niet. Er ontstaat paniek en een black out, nu wil ik dus vluchten en dit zou ik thuis ook zeker gedaan hebben. Die optie is er nu niet en dus moet ik het gevecht aan en de paniek opzoeken en er doorheen.

Ik voel me ongelofelijk ongemakkelijk er moet steeds meer bij. De klontjes wil ik uitsmeren, maar ook dit vinden ze niet goed. De ogen branden en de paniek overheerst. Ik ga toch de klonten uitsmeren. De verpleging is niet helemaal tevreden, maar we laten het voor nu hierbij. Na de lunch trek ik me even terug. Ik kan het niet laten om een lijstje te maken met producten die we vaak krijgen, en hier de hoeveelheid kcal van op te zoeken. Ik weet dat ik dit niet zou moeten doen, maar de paniek en onrust overheerst. Mijn eetstoornis is te sterk en ik vlucht nu terug naar het bekende de rust en controle.

0

Uncategorized

Deze blog wil ik graag beginnen met jullie te bedanken voor het lezen van mijn blogs en alle positieve reacties die ik hierop van jullie ontvang. Het stimuleert me enorm om er voorlopig nog even mee door te gaan. Voor mij werkt het therapeutisch om van me af te schrijven en ik hoop jullie meer inzicht te geven in mijn gevecht tegen deze tegen verschrikkelijk hardnekkige ziekte.

Masker

“are you really okay?”

I am acting like I am okay. Please don’t interupt my performance.

De eerste tijd in de kliniek had ik vaak een masker op en ook de laatste periode thuis. Als ik er nu aan terugdenk misschien al jaren, weet ik zelfs niet eens meer wanneer ik hem niet op had. Ik heb mezelf zo aangeleerd altijd door te gaan en altijd te zeggen dat het goed met me ging, dat ik zelf ook niet meer het onderscheid kon maken tussen wanneer ik wel en wanneer ik niet een masker op had.

Wie ben ik eigenlijk zelf zonder masker? Ik raak al in paniek bij de gedachten. Nu begint het me te dagen dat het masker de eetstoornis is geworden en dat ik hier zo ver in ben doorgeslagen dat het een groot deel van mijn identiteit is geworden. Wie ben ik zonder het masker, zonder de eetstoornis, geen idee???? Daarom kan ik me ook maar moeilijk bedenken hoe het is om te leven zonder. Alles heb ik onder controle, het idee alleen al dit te moeten gaan loslaten zorg voor paniek, blinde paniek! Op zoek naar een nieuwe identiteit, zonder masker, zonder eetstoornis. Het klinkt zo eenvoudig, maar ik kan jullie vertellen dat het zo hardnekkig en zo eigen is geworden dat ik er maar moeilijk in kan geloven dat ik zonder zou kunnen leven. Heel soms lukt het me even om mijn masker af te zetten, maar zodra het moeilijk wordt of te dichtbij komt zet ik hem snel weer op en wapen ik me tegen deze momenten. Het is zo eigen geworden dat ik er echt bewust bij stil moet staan dat ik dit mezelf heb aangeleerd.

De eerste dagen in de kliniek zijn zwaar en moeilijk. Na het ontbijt bel ik vaak even met Jasper, om mijn paniek en moeilijke momenten met hem te bespreken. Het is fijn om dit met hem te kunnen delen, maar het blijft ook erg moeilijk om me hierin kwetsbaar richting hem op te stellen. Wil hem niet extra belasten en ongerust maken. Hij maakt zich al zoveel zorgen, en het niet moeilijker maken dan nodig.

In de middag hebben weekend bespreking. Het zal mijn eerste weekend in de kliniek zijn en dan blijf je het hele weekend intern. Op de groep zijn er al een heel aantal mensen die hun weekenden hebben opgebouwd en met verlof mogen. Ik zie er enorm tegen op, de lege momenten met heel veel vrije tijd, die ik niet goed weet in te vullen. Tijdens de voorbespreking spreken we af dat ik een planning ga maken, zodat ik meer overzicht krijg in wat ik zou kunnen gaan doen en dat de leegte me minder overvalt.

Het eerste weekend intern, gelukkig heb ik aardig geslapen. Ik was wel vroeg wakker en moet dan wachten op de controles van mijn bloeddruk, rustpols en temperatuur. Na deze controles, ga ik door naar het wegen. De eerste week moet ik elke ochtend deze controles doorlopen en ook elke ochtend wegen. Doordat het 1 ons minder is dan de vorige weging krijg ik gelijk een ophoging van mijn voedingslijst. Jeetje wat blijft dit dubbel voelen. Natuurlijk ga ik niet ontkennen dat ik vooral in dit stadium liever afval dan aankom, alleen de consequentie dat er gelijk een ophoging van mijn voedingslijst aan vast zit is verschrikkelijk. Het voelt als falen en dat maakt me verdrietig. Al die moeilijke eetmomenten die ik ben aangegaan en dan toch afgevallen, maar ook de stem die dan begint te praten dat het zo fijn is dat ik ben afgevallen.  Ik durf dit ook moeilijk te delen met Jasper, wil hem niet nog ongeruster maken en wil hem niet vertellen dat ik ook hier afval. Voor je omgeving blijft het getal op de weegschaal toch een meetmoment om ook te zien of het beter met je gaat. Begrijpelijk, maar ook zo frustrerend om dan het slechte nieuws te moeten brengen, terwijl er in je hooft een stemmetje een feestje staat te vieren en blij is met deze overwinning.

Het wegen en de ophoging zitten me hoog en tijdens het ontbijt raak ik in paniek en merk ik dat mijn lijf het dan van me overneemt. Ik word kortademig en kan niet meer helder denken. Gelukkig begint het te wennen dat de paniek ook weer verdwijnt en je juist dan moet doorpakken, iets dat ik thuis al heel lang niet meer deed. Bij de eerste tekenen van paniek, ging ik het juist uit de weg en op het laatste moment zorgde ik dat ik niet meer in situaties kwam waar ik paniek van kon krijgen.

Waar komt toch die paniek vandaan? Waar ben ik zo ongelooflijk bang voor? Er zit een gevoel van angst in me, waar mijn lijf acuut op reageert en deze angst is zo groot dat ik er het liefst met een hele grote boog omheen ga.

Is het dan nu echt tijd om deze angst onder ogen te gaan zien? Iets in me zegt van wel, maar er is ook nog een heel groot deel dat niet durft, helaas.

0

Uncategorized

Ik wens dat je mag geloven

Ik wens dat je zult zien

Ik wens dat je jezelf kunt beloven

Dat je kunt zeggen; ik verdien

Ik wens je dat je mag ervaren,

Ik wens dat je genieten mag.

Ik wens dat je gedachten opklaren,

Dat je naar jezelf kunt kijken met een lach

Ik hoop dat je ooit kunt zeggen,

Al is het nu nog ver en klein

Ik ben het allemaal waard

Ook ik mag er zijn

Dit mooie gedicht kreeg ik van iemand die ook in de kliniek zat en tijdens haar afscheid voor iedereen een kaartje achterliet, met een mooi gedicht en een lieve boodschap. De eetstoornis gaat zeker niet alleen over eten en bewegen. Het gaat vooral over mijn zelfbeeld en hoe ik mezelf heb aangeleerd om te gaan met mijn emoties.

De dagen in de kliniek zijn lang en zwaar, vooral de lege loze momenten blijf ik ontzettend moeilijk vinden, zal dit ooit wennen en weggaan? Hoe ik hier invulling aan kan geven, blijft een enorme zoektocht. Anders dat met sport bezig zijn en mijn hoofd leegmaken door te gaan hardlopen ken ik niet. Het zit niet in me, ik voel zo’n drang om in beweging te zijn, dat de onrust ondragelijk is. Ik vind geen rust in creatief bezig zijn, het is dat er geen andere optie is, maar anders…..

Het volle gevoel van al het eten blijft heel vervelend en daardoor spoken er steeds gelijk allemaal gedachten en ideeën door mijn hoofd om hier vanaf te komen, dit blijft moeilijk. Deze dag heb ik een psychologisch onderzoek. Het tussendoortje van vandaag moet ik meenemen en onder begeleiding van een verpleegkundige word ik afgezet bij de juiste locatie. Het is nog geen 500 meter, maar omdat mijn waardes nog steeds niet goed zijn, mag ik niet alleen er is een te groot risico dat ik onderweg misschien onwel kan worden. Zelf voelt dit helemaal niet zo, het is dat ze het zeggen, maar het komt niet binnen. Ik vind het vooral overdreven en heb zelf het gevoel dat ik de hele wereld aankan.

Tijdens het wachten bedenk ik me hoe ik van dat vervelende tussendoortje in mijn tas kan afkomen zonder daardoor in de problemen te komen. Bizar hoe snel mijn eetstoornis met me aan de haal gaat op het eerste de beste moment dat het de vrijheid voelt.

Zodra ik word opgehaald uit de wachtkamer vraag ik of ik even naar het toilet kan. De verleiding is te groot het volle gevoel te rot, ik besluit mijn tussendoortje zo snel mogelijk door de wc te spoelen. Wat sta ik hier te doen, een volwassen vrouw van 36, voel me net een klein meisje, wat elk moment betrapt kan worden. Op hetzelfde moment voel ik ook rust en ben ik blij dat ik deze kans heb gepakt en dit tussendoortje heb gemist en deze winst heb gepakt.

Bij terugkomst staat de lunch al voor ons klaar. Vandaag vervangen we zuivel voor een hard gekookt ei en als zoete variatie kies ik vandaag voor vruchtenhagel. Wat een zoete explosie in mijn mond, wat is dit lang geleden. Hier zullen de kids versteld van staan als ik het ze vertel. Na al die maanden geen brood en beleg, maar alleen een bakje yoghurt. Nu kan ik weer met ze mee-eten aan tafel en ook gewoon een broodje smeren met beleg.

Na de lunch voel ik me ongelofelijk onrustig. Het bewust stilzitten gaat me totaal niet gemakkelijk af. Ook mijn darmen blijven het moeilijk vinden met het verwerken van al die andere voedingsmiddelen. Pfffff ik wil van alles, maar geen dingen die hier kunnen, dit voelt zo frustrerend, nutteloos en doelloos. Ik volg nog een opleiding sportmassage en besluit te gaan leren, maar merk al snel dat ik me totaal niet kan concentreren. Mijn beweegdrang is zo groot, de muren komen letterlijk op me af dat ik er van in paniek raak en uitbarst in een gigantische huilbui. Voel me gevangen in mijn eigen lijf en hoofd. Dit terwijl ik vorige week nog alles kon doen. Dan komt het tussendoortje, eindelijk wat afleiding. Ik besef me tijdens het klaarmaken dat ik nog een glas sap had moeten drinken, maar er valt niemand iets op dus besluit het zo te laten, 2-0 voor de eetstoornis vandaag…….

0

Uncategorized

“Pas na minimaal 10 kilometer hardlopen voelde ik me weer goed. Kort daarna kwam de onrust weer op”

Tijdens mijn burn-out kreeg, inmiddels een aantal jaar geleden, ik het advies om elke dag even naar buiten te gaan. Dit advies nam ik natuurlijk ten harte en begon met elke dag een stukje wandelen, maar al snel haalde ik hier geen voldoening uit en begon met hardlopen. Het eerste rondje was 30 minuten, daarna ging ik over op kilometers en uiteindelijk een aantal kilometer binnen een bepaalde tijd. Eindelijk had ik iets gevonden waar ik mijn energie in kwijt kon, mijn hoofd leeg kon maken, ik had de ultieme uitlaatklep gevonden!

Na een rondje hardlopen voelde ik me een ander mens en kon ik de wereld weer een beetje beter aan. De lat werd steeds iets hoger gelegd en zonder dat ik er in eerste instantie erg in had, ging het van onschuldig buiten zijn naar dwangmatig rennen. Nu ik zo sportief bezig was, kon ik mijn voeding hier ook wel op aanpassen. Het was tenslotte zonde om zo’n stuk te rennen en daarna weer iets te eten wat ik misschien ook wel kon laten staan. Dit proces is een proces van jaren geweest en nu ik er pas achteraf over nadenk besef ik me dat het erin is geslopen. Dit had je me destijds niet hoeven te vertellen, want dan had ik het nooit van je aangenomen. En toen er momenten kwamen dat er wel meerdere mensen uit mijn omgeving hun zorg uitspraken, wist ik dit altijd te omzeilen met allerlei excuses. Ik voelde me sterker en beter dan ooit, ik was goed in het hardlopen en ging meedoen met wedstijden, steeds een beetje harder en steeds een beetje verder.

Ik genoot van alle complimenten die ik kreeg en dit stimuleerde me om door te blijven gaan. Van 10 kilometer, naar een halve marathon en als klap op de vuurpijl een hele marathon in Rotterdam en de Roparun vanaf Parijs. Dit waren ondertussen ook hele goeie dekmantels geworden om mijn voeding en gewicht goed te rechtvaardigen tegenover de bezorgde buitenwereld.

Weinig eten en sporten was een obsessie geworden! Ik ben 36 jaar, 1,76 meter en woog op mijn dieptepunt minder dan 50 kilo, ik had een rustpols van 39. Vaak had ik het koud, mijn haar viel enorm uit en ik had moeite me langere tijd te concentreren, sloot me af van alles en iedereen en moest mijn eigen programma draaien om in de momenten daartussen de rust te vinden.

Mijn omgeving vroeg geregeld bezorg of het wel goed met me ging en mijn man confronteerde me er vaak mee dat hij vond dat ik nu echt wel te mager was. We maakten afspraken over het hardlopen, ik mocht minimaal 3 keer per week lopen, maar zodra hij weg was trok ik mijn schoenen aan en was ik weg. Hier loog ik in die tijd ook over. Zelfs zo extreem dat ik dus ook hardlopend naar mijn werk ging, zodat ik dan s ’avonds alsnog een rondje kon gaan lopen.

Pas als ik had gerend voelde ik me weer goed en kon ik het weer aan, dan pas kon ik ook weer eten. Bewegen en eten waren helemaal met elkaar vervlochten. Het was altijd de optelsom van energie verbruiken en dan was het oké om energie in te nemen. Ook bouwde ik marges in, voor een moment dan ik misschien wel meer energie binnen zou krijgen.

Er kwam een bepaalde rust over me heen, die ik daarvoor niet voelde. Ook kon ik het eten beter aan, omdat ik wist dan ik het hardlopen ertegenover had staan. Het gaf me natuurlijk een heel vervelend en naar gevoel om tegen Jasper te liegen, maar als ik niet toegaf aan mijn beweegdrang voelde ik me zo onrustig en in paniek dat ik aan niets anders meer kon denken. De eetstoornis gaf me rust en veiligheid en dit voelde goed, ondanks alle zorgen uit mijn omgeving. De drang, stem in mijn hoofd was te sterk, ik moest hier aan toegeven en kon simpelweg niet anders.

Hier in de kliniek, kan ik dus niet toegeven aan mijn beweegdrang en mocht ik in het begin alleen onder begeleiding van een verpleegkundige wandelen, omdat mijn rustpols te laag was. 2x per dag 15 minuten wandelen, meer niet!

Het voelt zo onwerkelijk, nog geen week geleden liep ik minimaal 3x per week minimaal 10 kilometer en nu wijkt de verpleging tijdens een wandeling van 15 minuten niet van mijn zijde. Voor mij voelde het ook als sloom wandelen, want mijn wandeltempo ligt een stuk hoger.

Naast het hardlopen, werkte ik, zorgde voor mijn gezin, het huishouden en nu moet ik verplicht rust houden. De muren komen letterlijk op me af, wat is dit afzien! Na elke maaltijd moest ik verplicht 1 uur in de huiskamer blijven, voor herstel, bewust stilzitten. Dit is echt niet aan mij besteed, hoe dan???? Ik wil van alles, maar geen dingen die hier kunnen en mogen dat is echt zo ongelofelijk frustrerend voel me nutteloos en doelloos.

Niet kunnen vluchten voor mijn emoties, het overlevingsmechanisme wat ik mezelf zo had aangeleerd na het overlijden van mijn vader. Niet voelen, maar bezig blijven. Jezelf afleiden van het grote verdriet wat ondragelijk is. De paniek, onmacht en de grote leegte, niet kunnen en willen voelen. Hij kwam toch niet meer terug, dus kon beter doorgaan en niet meer stoppen, nooit meer stoppen. Heel ver weg van dat gevoel. Na al die jaren is deze manier van overleven zo eigen geworden dat ik letterlijk in mijn eigen val ben gelopen en ik nu dus niet weet wat ik met mezelf aan moet. Dit is pas het begin…..

0

Uncategorized

Tijdens mijn behandeling kreeg ik de opdracht om een brief te schrijven aan de anorexia als vriend en als vijand. De eetstoornis heeft voor mij heel duidelijk twee gezichten, ik kan niet met maar ook heel moeilijk zonder. In deze brieven neem ik je mee naar hoe het voelt om te ervaren dat de anorexia me ook veel positieve aspecten heeft gegeven, natuurlijk weet ik inmiddels dat het ook daarnaast de vijand is en ik hier tegen moet vechten, maar dit gevecht  dagelijks moet blijven aangaan en het nog een tijd zal duren voor ik volledig weerstand kan bieden.

“ Anorexia mijn vriend ”

Jeetje wat zijn we allang vrienden en wat heb je me door moeilijke situaties geholpen. Doordat we elkaar al zo lang kennen, weet ik vaak niet meer hoe het is om zonder je door het leven te gaan. Er zijn wel momenten geweest dat we wat minder contact hadden, maar de laatste jaren zijn we hechter dan ooit.

Je geeft me rust, controle en vertrouwen in mezelf. Als ik dreig de weg kwijt te raken ben jij er om me precies te vertellen wat ik moet doen en hoe ik het moet doen. Van mezelf ben ik nogal onzeker, maar samen voel ik met sterk en geef je me het gevoel dat ik met zelfvertrouwen de buitenwereld aankan.

Alle heftige gebeurtenissen uit mijn verleden voel ik niet en zodra er een gevoel van paniek ontstaat geef je me rust, dit is zo fijn dat ik er geen genoeg van kan krijgen en steeds dit fijne gevoel weer wil ervaren. Ik ben bang als ik alleen ben, denk dat ik het alleen niet aankan. Niet precies weet wie ik ben en wat ik kan, dat ik je daarom zo moeilijk durf los te laten.

Ik weet heel diep van binnen dat we misschien meer afstand van elkaar zouden moeten nemen, maar ik wil je niet teleurstellen. De angst die het me geeft als ik erover na denk maakt me dan ook aan het twijfelen. Zo’n lange vriendschap, die me zoveel steun heeft gegeven laat je niet zomaar gaan. Alleen jij kan me het gevoel geven dat ik de wereld aankan en mijn verleden achter me kan laten door me de controle terug te geven.

“ Anorexia mijn vijand ”

Waarom wilde je me helemaal voor jezelf alleen? Steeds meer trok ik me terug uit mijn omgeving om samen te zijn. Je isoleerde me steeds meer van de buitenwereld, waardoor contacten met anderen minder werden en ik me steeds meer afsloot. Waar andere mensen plezier hadden moest ik me aan allerlei regels en afspraken houden, daardoor was er bijna geen tijd meer voor leuke dingen en voor de mensen om me heen.

Het ging zelfs zo ver dat ik mensen ging voorliegen en steeds te slim af was met al mijn maniertjes om aan onze regels en afspraken te voldoen. Weet je wel wat ik allemaal heb gemist! Wat ik heb opgegeven! Welke prijs ik heb moeten betalen! Deze tijd kan ik niet meer terughalen. Kortaf was ik naar mijn kinderen omdat ik mijn programma moest volgen en ze daar niet altijd in pasten met hun vraag om aandacht. Hardlopen en gezond eten stond op nummer 1 en daar moest alles voor wijken! Ik was moe en op en toch vond je het nooit genoeg, waarom niet? Mijn concentratie werd minder, mijn lijf verzwakte, mijn hart had moeite om zijn best te blijven doen, zelfs mijn lever had het zwaar, maar ondanks dat alles moest ik door… weg van de paniek, de emotie, de pijn! Kop in het zand en niet voelen maar alles onder controle houden. Helemaal alleen in mijn eigen wereld, zodat niks of niemand me nog kon kwetsen of raken.

0

PREVIOUS POSTSPage 1 of 7NO NEW POSTS